Deze opleiding leidt je op tot personal trainer in een echte gym, met les van coaches die het werk zelf elke dag doen. Vier lesdagen, een examen, en een diploma van Team den Blanken.
Geen online modules die je in je eentje doorklikt. Je staat op de vloer, je oefent, en je krijgt correctie van iemand die naast je staat.
Waarom de meeste opleidingen je niet klaarmaken voor je eerste cliënt
Kijk, de meeste personal trainer opleidingen leren je anatomie, fysiologie en trainingsleer. Dat is geen slechte kennis. Je moet weten wat een spier doet en hoe een beweging in elkaar zit. Maar dan sta je voor je eerste cliënt, en die vraagt iets heel anders van je.
Die cliënt heeft namelijk geen anatomievraag. Die heeft een leven waarin trainen er ook nog bij moet. Die is vorig jaar drie keer begonnen en drie keer gestopt. Die eet doordeweeks prima en gooit het er in het weekend weer uit. Die slaapt 5 uur omdat het druk is. En jij moet daar iets mee, in een uur, met iemand die je net kent.
Daar gaat het bij beginnende trainers bijna altijd mis. Niet omdat ze te weinig weten, maar omdat ze niet weten hoe ze dat wat ze weten omzetten in gedrag bij een ander persoon. Ze schrijven een schema en gaan ervan uit dat het schema het werk doet. Resultaat komt uit gedrag, niet uit een blaadje.
Deze opleiding is op dat gat gebouwd. De theorie zit erin, want zonder theorie kun je niks onderbouwen. Maar de nadruk ligt op wat je op maandagochtend met een echte persoon doet.
Wat je in vier dagen leert
De lesstof loopt langs vijf gebieden: voeding, training, stressmanagement, herstel en coachingvaardigheden. Hieronder staat wat dat concreet betekent.
Een intake doen die de echte oorzaak boven tafel haalt
De meeste intakes gaan over het doel. Hoeveel kilo eraf, wanneer, en waarom. Dat is nuttige informatie, maar het vertelt je niet waarom het de vorige keren niet lukte.
Je leert een intake voeren waarin je de week van iemand echt in beeld krijgt. Hoe laat staat hij op, wanneer eet hij, wat gebeurt er op reisdagen, hoe ziet een slechte week eruit. Uit ervaring weten we dat er bij vrijwel iedereen 3 tot 6 dingen zijn die vooruitgang tegenhouden. Zelden is dat gebrek aan inzet. Vaker is het een schema dat niet bij de bouw past, een eiwitinname die structureel te laag ligt, te weinig slaap, of een tekort dat zo groot is dat het na drie weken instort.
Als je die 3 tot 6 dingen boven tafel krijgt, weet je wat er in het plan moet. En, minstens zo belangrijk, wat er niet in moet.
Verwachtingen schetsen vanaf dag 1
Dit is het onderdeel dat de meeste beginnende trainers overslaan, en het is de reden dat cliënten in week 3 afhaken. Iemand start met een beeld in zijn hoofd dat niet klopt met wat er fysiek mogelijk is, en als de weegschaal in week 2 stilstaat trekt hij zijn eigen conclusie.
Je leert hoe je vanaf het eerste gesprek uitlegt wat er wanneer gebeurt. Dat 0,5 tot 1% van je lichaamsgewicht per week een normaal tempo is. Dat de eerste weken vaak sneller gaan door vocht en glycogeen, en dat het daarna afvlakt. Dat spiermassa opbouwen bij een getrainde persoon rond 0,5% per maand ligt en niet meer. Als je dat vooraf vertelt is een stilstaande week gewoon een week. Vertel je het niet, dan is diezelfde week bewijs dat het niet werkt.
Een trainingsschema opbouwen voor de persoon die voor je staat
Je leert programmeren op bouw en niveau, niet op wat populair is. Iemand met lange armen en een korte romp gaat anders bankdrukken dan iemand met korte armen, en als je dat negeert krijg je binnen twee maanden een schouder die opspeelt.
Je leert werken met de 2-Set Methode: twee zware werksets per oefening, uitgevoerd op een niveau waarop het echt zwaar wordt, met een progressieplan eronder. Dat levert bij de meeste mensen meer op dan vijf halfslachtige sets, en het past in een uur. Meer is niet beter, beter is beter.
En je leert hoe je progressie stuurt. Niet op gevoel, maar op cijfers. Data, data, data. Word ik sterker, ja of nee? Dan heb je 90% van je antwoord.
Een voedingsplan maken dat iemand ook echt volhoudt
Je leert rekenen. Lichaamsgewicht maal 33 als vertrekpunt voor onderhoud, daar 10 tot 20% van af voor een tekort, eiwit tussen 1,8 en 3,1 gram per kilo lichaamsgewicht, vezels rond 14 gram per 1.000 calorieën. Dat is de basis en die is voor iedereen hetzelfde rekenwerk.
Maar het echte werk zit in de vertaling naar een week die iemand herkent. Iemand die vier keer per maand uit eten gaat met relaties heeft geen plan nodig waarin dat niet voorkomt. Iemand die om 06:30 de deur uit is, heeft geen ontbijt nodig dat 20 minuten kost. Je leert een plan bouwen op het minimum dat nodig is, en dat daarna opbouwen. Begin makkelijk, bouw daarna op.
Je leert ook waarom je niet als eerste de calorieën verlaagt als het stilstaat. Meestal zit het antwoord in stappen, in slaap, of in het feit dat de opgegeven inname niet klopt met de werkelijke inname.
Voortgang meten en interpreteren
Foto’s, centimeters en gewicht, in die volgorde. De weegschaal is het minst betrouwbare cijfer op dagbasis en toch het cijfer waar iedereen naar kijkt. Je leert werken met weekgemiddelden, en je leert uitleggen waarom een stijging van 800 gram na een zoute maaltijd niks betekent.
Je leert ook wat je met de omtrekmaten doet. Waar je meet, hoe vaak, en welke combinatie van cijfers je vertelt dat er vet af gaat terwijl de weegschaal stilstaat.
Bijsturen als het stilstaat
Dit is waar het vak begint. Een cliënt zit drie weken op hetzelfde gewicht. De reflex van bijna elke beginnende trainer is de calorieën verlagen. Dat is de snelste route naar een cliënt die het niet volhoudt.
Je leert een vaste volgorde van controles aflopen voordat je iets aanpast. Klopt de inname met wat er wordt gerapporteerd. Zijn de stappen gedaald. Is de slaap ingezakt. Gaat de kracht in de gym nog omhoog. Is er iets veranderd in de werkweek. In de meeste gevallen vind je daar het antwoord, en hoef je aan het plan niks te veranderen.
Een gesprek voeren waarin iemand het zelf ziet
Je kunt iemand vertellen dat hij meer moet slapen. Dat verandert niks. Je leert vragen stellen waardoor iemand zelf de link legt tussen zijn 5 uur slaap en zijn eetlust in de avond. Dat blijft wel hangen, want het is zijn eigen conclusie.
Dit is ook het onderdeel waarin je leert waar je grens ligt. Je kunt het niet meer willen dan de cliënt het zelf wil. Als je dat niet doorhebt, brand je in dit vak binnen twee jaar op.
Stress en herstel als onderdeel van het plan, niet als bijzin
Slaap en stress zijn de twee onderwerpen die in de meeste opleidingen in één slide worden afgedaan, en het zijn de twee onderwerpen waar je bij drukke cliënten het vaakst het antwoord vindt.
Je leert wat er fysiek gebeurt bij structureel te weinig slaap. De eetlust gaat omhoog, tot ongeveer 24% bij mensen die op 5 uur zitten in plaats van op 8. De trek verschuift naar suiker en vet. De kracht in de gym zakt, dus de trainingsprikkel wordt kleiner. En bij een tekort verlies je een groter deel van je gewichtsverlies uit spiermassa in plaats van uit vet. Dat is geen randvoorwaarde meer, dat is het plan.
Je leert daar ook mee werken zonder dat je een slaapcoach wordt. Slapen in cycli van ongeveer 90 minuten, een vast tijdstip aanhouden, en met de cliënt kijken welk half uur in zijn avond hij terug kan pakken. Bij iemand met jonge kinderen en een bedrijf is 7 uur soms het maximum, en dan bouw je het plan daaromheen in plaats van dat je 8 uur voorschrijft en hoopt.
Voor stress geldt hetzelfde. Je gaat geen therapie geven. Je leert herkennen wanneer een stilstaande periode niet over voeding gaat maar over een werkweek die is ontspoord, en wat je dan tijdelijk uit het plan haalt zodat er iets overblijft dat wel wordt volgehouden. Het hoeft niet perfect. Wanneer is het voldoende?
Werken met een lesboek dat je daarna nog gebruikt
Je krijgt het lesboek mee en dat is ook het materiaal waarop het theorie-examen is gebaseerd. Het is geen samenvatting van een studieboek, maar de uitwerking van hoe er bij ons wordt gewerkt: de rekenregels, de volgorde van bijsturen, de intakevragen en de programmeerprincipes.
Dat is bewust zo opgezet. In de eerste maanden met echte cliënten kom je situaties tegen die je in november hebt gehad maar toen nog niet nodig had. Dan wil je iets kunnen teruglezen dat past bij de manier waarop je hebt leren werken, in plaats van dat je op internet drie tegenstrijdige antwoorden vindt.
Hoe de lesdagen eruit zien
Vier lesdagen in de gym in Erp, verspreid over november, en daarna het examen. Twee dagen in de eerste week, twee dagen twee weken later. Die tussenperiode is bewust: je gaat in die twee weken zelf oefenen met wat je hebt geleerd, en de vragen die daaruit komen behandelen we op dag 3 en 4.
Het zijn geen hoorcolleges. Er wordt uitgelegd, en daarna ga je het doen. Je coacht elkaar, je legt oefeningen uit, je krijgt correctie terwijl je bezig bent. Dat voelt de eerste keer ongemakkelijk en dat hoort erbij, want de eerste keer dat je een oefening hardop uitlegt aan een echte cliënt wil je niet je eerste keer zijn.
De rode draad over de vier dagen is 1% beter per dag. Elke dag 1% beter worden, aan het eind van het jaar bijna 38 keer beter. Je hoeft er niet in één keer alles uit te halen. Je hoeft aan het eind van elke dag één ding beter te kunnen dan aan het begin.
Het examen en je diploma
Het examen bestaat uit twee delen. Een theoriegedeelte met 75 meerkeuzevragen over het lesboek, en een praktijkgedeelte waarin je drie oefeningen uitlegt en voordoet: twee compoundoefeningen en één isolatieoefening. Je moet 90% halen. Je hebt twee kansen, er is een herexamen.
Die 90% is hoog en dat is de bedoeling. Je gaat straks met een cliënt werken die op jouw uitleg vertrouwt bij een oefening met gewicht boven zijn hoofd of op zijn rug. Daar is 70% niet genoeg.
Dan het punt waar je bij elke opleiding naar hoort te vragen. Deze opleiding is niet extern geaccrediteerd. Je ontvangt een diploma van Team den Blanken. Dat betekent iets in dit werkveld, omdat het gedekt wordt door 30.000+ begeleide transformaties en door coaches die er zelf dagelijks mee werken. Het betekent niet dat een sportschoolketen je op papier moet aannemen. Zoek je een papiertje voor een cao-functie bij een keten, dan is dit niet de juiste opleiding, en dat zeggen we liever nu dan achteraf.
Voor wie zelfstandig aan de slag gaat, of online wil coachen, telt iets anders. Daar telt of je een cliënt van intake naar resultaat kunt brengen en of je dat kunt onderbouwen. Daar leiden we voor op.
Wie er lesgeeft
Frank en Paula den Blanken geven de lesdagen zelf. Frank coacht sinds 2014 en begeleidde met zijn team ruim 30.000 transformaties. Paula coacht op hetzelfde niveau en komt uit op internationaal podium.
Dat ze er zelf staan is een bewuste keuze. Een opleiding waar de oprichter niet voor de groep staat, is een opleiding waarvan de inhoud een keer is opgenomen en daarna is blijven staan. Wat hier wordt onderwezen komt uit cliënten die op dit moment worden begeleid, met de fouten en de correcties van dit jaar erin.
Wat je erna kunt doen
Je kunt zelfstandig aan de slag als personal trainer of als online coach. Je hebt een methode om mee te werken, een lesboek om op terug te vallen, en je weet hoe je iemand van de intake naar resultaat brengt.
Daarnaast kijken we bij elke ronde wie er past in onze eigen coachpool. Een deel van onze coaches is via deze opleiding binnengekomen. Dat is geen belofte en geen garantie, wel een echte route. Wat daarin telt is niet je examencijfer alleen, maar hoe je in de groep met mensen omgaat.
Voor wie deze opleiding is
Voor wie personal trainer wil worden en meteen goed wil beginnen, in plaats van eerst twee jaar zelf uitvinden wat werkt. En voor wie al traint of coacht en merkt dat kennis alleen niet genoeg is om iemand te laten veranderen.
Je hoeft geen achtergrond in de sport te hebben. In eerdere rondes zaten deelnemers uit het onderwijs, een eigenaar van een sportschool, een procesoperator en een atleet van 18. Wat ze deelden was dat ze het vak serieus namen en bereid waren om zelf op de vloer te staan.
Deze opleiding is niet geschikt als je een erkend papiertje zoekt voor een functie bij een keten, of als je alleen theorie wil en de praktijkdagen liever overslaat. De praktijk is hier het grootste deel.
Praktisch
- Lesdagen: donderdag 5 en vrijdag 6 november 2026, en donderdag 19 en vrijdag 20 november 2026, telkens van 10:00 tot 16:30
- Examen: vrijdag 27 november 2026, van 10:00 tot 13:00
- Locatie: Den Blanken PT Gym in Erp
- Groepsgrootte: maximaal 20 deelnemers
- Docenten: Frank en Paula den Blanken
- Inbegrepen: lesboek, examen en diploma
De vorige ronde zat vol. Twintig plekken is een bewuste grens: bij meer deelnemers krijg je op de vloer geen correctie meer, en dan is het een hoorcollege geworden.
Bekijk de opleiding en vraag informatie aan.
Veelgestelde vragen
Moet ik al ervaring hebben in de fitness?
Nee. Je moet wel bereid zijn om zelf te trainen en te oefenen, want een groot deel van de opleiding staat of valt met wat je op de vloer laat zien.
Is de opleiding extern erkend?
Nee. Je ontvangt een diploma van Team den Blanken. We zijn daar expres duidelijk over, zodat je vooraf weet wat je krijgt.
Kan ik dit doen naast een fulltime baan?
Ja. De lesdagen vallen op donderdag en vrijdag, dus je hebt er twee keer twee dagen vrij voor nodig. Daarbuiten oefen je in je eigen tempo.
Wat als ik een lesdag mis?
Er zijn meerdere rondes per jaar. Een gemiste dag haal je in bij een volgende editie.
Wat als ik zak voor het examen?
Je hebt twee kansen. Er is een herexamen.
Krijg ik lesmateriaal mee?
Ja, het lesboek is inbegrepen. Dat is ook het materiaal waarop het theorie-examen is gebaseerd.
Kan ik hierna bij jullie werken?
Dat kan, maar het is geen automatisme. We kijken per ronde wie er past in de coachpool.
Leer ik hier ook hoe ik cliënten krijg?
Je leert het vak: intake, programmeren, voeding, meten, bijsturen en coachen. Het opbouwen van een eigen praktijk zit niet in deze vier dagen.
Verder lezen
- Hoe word je personal trainer in Nederland?
- Welke personal trainer opleiding past bij jou?
- Wat verdient een personal trainer?
- Personal trainer worden naast je baan
- De 7 grootste fouten van beginnende personal trainers
- Hoe onderscheid je je als personal trainer?
- Voedingscoaching voor personal trainers